Wij slaan cookies op om onze website te verbeteren. Is dat akkoord? Ja Nee Meer over cookies »

Toen mijn dochter overleed, ontwikkelde ik dwang en angst

Gepubliceerd op 19 f, 2021
Toen mijn dochter overleed, ontwikkelde ik dwang en angst

Toen mijn dochter overleed, ontwikkelde ik dwang en angst

Mijn lijf functioneert prima. Laten we zeggen van mijn tenen tot aan mijn voorhoofd ongeveer. Maar wat daar in dat hoofd binnenin allemaal gebeurt, dat is vanaf mijn puberteit met vlagen wat ingewikkeld. Als puber heb ik anorexia nervosa gehad en daarna ontwikkelde ik een angststoornis. Inmiddels jaren later zet ik mijn ervaringen in om andere mensen te ondersteunen en herkenning te bieden en ging het met mijzelf al jaren goed. Totdat mijn dochter Faye overleed.

 

Mijn dochter overleed in de nacht. Zomaar ineens piepte ze ertussen uit, terwijl ik al in het ziekenhuis lag en ze elke dag gehaald kon worden, samen met haar tweelingzusje Linde. Ik had het gemist. Het is denk ik, het grootste schuldgevoel dat je als moeder kunt dragen.

Haar tweelingzusje Linde is samen met Faye met spoed gehaald toen Faye overleden bleek te zijn en ze werd direct naar de intensive care gebracht. Ze woog op dat moment maar 860 gram. Vier dagen hebben we met Faye gehad in het ziekenhuis waarbij we ook steeds bij onze dochter Linde ‘op bezoek’ gingen, ik in de nacht aan het kolven was en tussendoor liedjes zong voor mijn lieve kleine Faye. Na vier dagen moesten we Faye afgeven in het ziekenhuis en werd ik ontslagen uit het ziekenhuis.

We waren in een ziekenhuis op dik twee uur afstand van ons eigen huis en dus trokken we in het Ronald McDonaldhuis van Leiden. Het was daar dat ik merkte dat er in mijn hoofd van alles gebeurde waar ik niet echt grip op had. Er gebeurde zoveel. Een kindje overleden, een kindje vechtend voor haar leven. Ineens niet zwanger meer. Een spoedkeizersnede. Zo ver van huis, in een huis met allemaal vreemde mensen. Heel langzaam begon ik het te merken. Ik wilde het shirt, wat ik aanhad op het moment van Faye haar overlijden, niet meer dragen. Logisch vond ik nog wel. Maar ik wilde ook mijn haren niet meer in een knotje doen, want dat had ik ook die ochtend. Straks zou het weer slecht nieuws brengen als ik dat weer deed. Op de route naar het ziekenhuis moest ik in mezelf een soort van positieve rijmpjes opzeggen, want anders zou het betekenen dat we wellicht slechtnieuws kregen als we bij Linde aankwamen in het ziekenhuis. 

Deze gedachtes raasden non stop door mijn hoofd. Als je de lift neemt in plaats van de trap, dan gaat het misschien wel mis vandaag. Dus je MOET met de trap. Je MOET. In het Ronald McDonaldhuis moest ik het blauwe kopje pakken voor thee. Want de dag dat ik de vorige keer het blauwe kopje had ging het best oké met Linde. Als ik de trap afliep van het McDonaldhuis mocht ik niet naar het reanimatieapparaat kijken dat daar aan de muur hing. Want oh wee, wat zou dat betekenen voor het verloop van de dag als ik daar mijn blik op liet vallen. Alsof ik daarmee uit kon lokken dat Linde die dag iets ergs zou overkomen.

Ik moest er álles, álles aan doen dat mijn andere kindje niets overkwam. Het lag buiten mijn bereik, ik had totaal geen controle, geen invloed en daarom klampte ik mij in mijn hoofd aan alles vast wat mij maar een soort van schijncontrole kon geven. Het beheerste mijn hoofd, mijn dag, mijn alles.

Bij binnenkomst in het ziekenhuis waste ik mijn handen. En nog een keer. En nog maar een lading alcohol erover om er in ieder geval zeker van te zijn dat mijn handen schoon waren. Moet je je toch eens indenken dat ík een of andere bacterie aan mijn dochter zou overdragen.

Voor mijn gevoel had ik Faye in de steek gelaten. Was het ergens mijn schuld dat ze was overleden. Ik weet nog dat ik de nacht waarin ze overleden is heel onrustig sliep. Ik voelde heel veel beweging in mijn buik en ik heb zelf enorm veel gedraaid. Ik dacht nog eventjes: Hmm, wat een gek gevoel, maar beweging is goed, toch?” Dit heeft achteraf zoveel impact gehad. Ik kon het gevoel dat ik misschien een teken van haar had gemist gewoon niet verkroppen. Hoe verkrop je het als moeder? Dat je iets had kunnen doen om je kindje te redden, waar je simpelweg geen gehoor aan hebt gegeven? Niet. Ik was woedend op mezelf. Ik had het alleen zelf op dat moment nog niet door. Want ik werd geleefd door alles wat er gebeurde. En mijn hoofd kon niet anders dan er alles, en eigenlijk nog méér dan alles aan te doen om te voorkomen dat het mij nog een keer zou gebeuren.

Dus de hele dag dreunde ik positieve zinnetjes op in mijn hoofd. Als iemand tegen mij praatte, luisterde ik maar half omdat ik in mijn hoofd non stop bezig was met het opdreunen van bepaalde woorden. Als ik naar de keuken liep, moest dat via een specifieke route en we moesten ook altijd via de achterdeur het McDonaldhuis uit, omdat de voordeur minder goed voelde.

Het was vermoeiend. Naast wat allemaal al uitputtend genoeg was – rouw, zorg, herstellen vaneen keizersnede, kolven in de nacht – liep ik in mijn hoofd daar elke dag nog eens een keer eenmarathon bovenop. En juist vanuit die vermoeidheid kon ik ook niet bij het heldere deel van mijn hoofd komen om er weer grip op te krijgen. Ik kon er gewoon geen weerstand aan geven. De angst om mijn andere dochter ook te verliezen was zo groot en allesoverheersend dat ik niet anders kon dan er maar gewoon in meegaan.

 

Met de tijd is het gezondere stuk in mij gelukkig steeds weer meer aangeboord. 

Stap voor stap kon ik de grip op mijn eigen hoofd weer terugpakken. Ik kan oprecht zeggen dat ik geen dwanghandelingen meer denk of uitvoer. Maar de angst om Linde ook te verliezen en de daarbij behorende oorlogen in mijn hoofd die ik elke dag voer, zijn nog steeds mijn dagelijkse realiteit. Ook nu, anderhalf jaar later.

Inmiddels zit ik in een EMDR-traject om de trauma’s omtrent het verliezen van Faye en de spannende periode met Linde een plekje te geven in mijn hoofd.

Ook ben ik zelf druk bezig met het aangaan van nieuwe stappen om Linde steeds meer vrij te laten en de angst steeds meer naar de achtergrond te laten verdwijnen. Ik schaam mij totaal niet voor dit stukje kwetsbaarheid wat schijnbaar in mijn hoofd zit. Ik weet inmiddels, door openlijk te delen op mijn Instagrampagina, dat enorm veel mensen hier last van hebben (gehad). Mama’s

die een kindje hebben verloren, maar ook andere vrouwen die op een ander vlak in hun leven angsten paniek hebben ontwikkeld. Door mijn weg hierin openlijk te delen hoop ik anderen te bereiken die zich wellicht door het lezen van mijn verhaal weer een stukje minder alleen voelen.

Ik ben gewoon een ‘normale’ (tsja …) vrouw met een gezin, een huis, een baan, een prima IQ en bovenal mama van twee meisjes: Faye en Linde. Entegelijkertijd ook met een soms wat ingewikkeld hoofd. That’s me! 

Mijn Instagrampagina is Twentytoesnl, wees welkom als je mijn en ons verhaal wilt volgen!

Laat een reactie achter

* Your emailaddress will not be published

* Verplichte velden