Het noodlot slaat toe (deel 3)

lees de vorige blogs van Laura hier


Na
dat ze in het ziekenhuis met 39,6 weken en een probleemloze zwangerschap vaststelden dat het hartje van ons kindje niet meer klopte, werden we twee dagen naar huis gestuurd voordat de bevalling zou worden ingeleid. Twee dagen lang huilen, piekeren, praten, netflixen, appen en heel veel googlen.

Gek genoeg was ik niet fulltime verdrietig. Dat is kennelijk onmogelijk. We hebben dus ook gelachen. Ik genoot van de sushi wraps die we bestelden en van de foute serie die we bingden. Het verdriet kwam in golven maar zodra het kwam, ging ik even kopje onder, of beter geformuleerd: werd ik hardhandig ‘gewaterboard‘. Ik nam mezelf op dat moment één ding voor: ik wilde niet verdrinken. Mijn relatie zou hier niet aan onderdoor gaan en de negatieve impact voor onze dochter moest zo klein mogelijk blijven. Daar zou ik voor zorgen. No matter what.

Meteen na ons bezoek aan het ziekenhuis kwam de uitvaartonderneming al bij ons langs om de hoofdzaken door te spreken. De verzorgster had de ondankbare taak om ons voor keuzes te stellen die je absoluut niet wilt maken; begraven of cremeren? Wat voor graf? Wat voor uitvaart? Klein of grootschalig? Wel of geen obductie? Ook hersen- en schedelobductie? Hoe wil je je kindje opbaren? Watermethode, koelplaat of balsemen? Haal je je kindje zelf op of wordt hij gebracht? Waar wil je je kindje opbaren? Welke kleertjes krijgt je kindje aan? Hoe breng je de laatste dagen door en wie nodig je uit?

Ik ben nog steeds heel blij dat mijn vriend en ik steeds op één lijn zaten en we vrij snel de belangrijkste zaken besloten en geregeld hadden. We hoopten op meer duidelijkheid over het overlijden van ons kindje met het oog op een eventuele volgende zwangerschap. Om die reden kozen we voor een volledig onderzoek maar zonder hersen- en schedelobductie. De kans dat bij een dergelijk onderzoek een doorslaggevende vondst zou worden gedaan werd niet groot geacht terwijl het wel zichtbare sporen na zou kunnen laten. Verder kozen we voor begraven op een mooie natuurbegraafplaats en zonder poespas, dus ook een hele simpele uitvaart met alleen opa’s en oma’s als genodigden. We hadden op alle fronten behoefte aan rust en intimiteit. Omdat er een obductie plaats zou vinden viel de watermethode af. Balsemen sprak ons gelet op de natuurbegraafplaats niet aan. Daarom kozen we voor opbaren op een koelplaat in zijn eigen slaapkamertje in zijn eigen ledikantje. Tijdens de periode bij ons thuis zou familie ons kindje komen bewonderen en zouden er een aantal goede vrienden langskomen. Vanwege de beperkte tijd en energie wilden we geen ‘open huis’ en niet teveel drukte.

Door de spanning en het verdriet was ik ontzettend moe. De slaaptabletten die ik had meegekregen heb ik niet hoeven gebruiken, ondanks de lichamelijke ongemakken waar ik vanwege mijn enorme buik mee kampte. Kon ik even niet slapen dan verslond ik informatie: in recordtijd las ik drie zelfhulpboeken over het thema babyverlies, elk forum en iedere Facebookgroep over het onderwerp en blogs van ‘lotgenoten’, in een poging om de situatie onder controle te krijgen. Google was my best friend en stilgeboorte mijn nieuwe ‘favoriete’ zoekterm.

Ik keek uit naar de bevalling. Mijn enorme buik deed me vooral denken aan hoe het was en had moeten zijn. De stilte was letterlijk voelbaar. Het lichamelijk ongemak diende geen enkel doel meer. Ik was klaar om ons kindje in mijn armen te sluiten.

Woensdagochtend vertrokken we om 08.30 uur naar het ziekenhuis. Ik griste op het laatste moment nog een uitvergrote foto van onze dochter mee om tijdens de bevalling naar te kijken. Wat extra kracht kon ik wel gebruiken. Wederom legden we tijdens de spits de weg naar het centrum van Den Haag af. Dit keer voorbereid en zonder paniek. Bizar om opnieuw naar de plek te rijden waar twee dagen eerder onze wereld instortte.

Het voelde vreemd om in het ziekenhuis te lopen met mijn enorme buik. Ik ontweek oogcontact met mensen uit angst dat er een vrolijke opmerking zou worden gemaakt of succeswens mijn kant op zou komen. Eenmaal geïnstalleerd kregen we een uitgebreide uitleg van de arts en verpleegkundige. We hadden vast personeel en bij elke wissel werd er ruim de tijd genomen om met ons te praten en naar ons te luisteren. De foto van onze dochter pronkte in het midden van de kamer. In het verslag van een van de verpleegkundigen las ik later dat mijn vriend en ik erg verdrietig waren maar ook samen konden lachen. Die samenvatting deed recht aan hoe ik mij die dag voelde.

Het was een opluchting dat ik eindelijk iets kon doen voor mijn zoontje; hem op de wereld zetten. Die dag beeldde ik mij ontelbaar vaak in hoe het moment van de geboorte zou zijn en ik zei daarbij steeds weer tegen mezelf dat ons kindje straks weliswaar in mijn armen zou liggen maar stil zou zijn. Hij zou niet huilen, geen smakgeluidjes maken en niet op zoek gaan naar mijn borst. Hij zou er mogelijk ook ‘anders’ uitzien en snel minder warm worden. Ik probeerde mezelf voor te bereiden. Ik had weliswaar negen maanden hier naartoe geleefd; maar nooit op deze manier. Ik voelde gelukkig geen angst, hooguit angst voor het verdriet dat met de bevalling gepaard zou gaan.

Het grootste deel van de dag bestond uit wachten. De medicatie moest zijn werk doen. Om de vier uur slikte ik een nieuw pilletje, in de hoop dat hierdoor ontsluiting op gang zou komen. Ik voelde me ontspannen. Voor het eerst sinds twee dagen aten en dronken we goed. Veel boterhammen en ’s avonds roti. Alles ging op. Het was fijn om verzorgd te worden door de verpleegkundigen. Ondertussen keek ik MAFS Australië. Ik ben dol op guilty pleasures waarbij je niet na hoeft te denken en je je kunt vergapen aan de (hoogstwaarschijnlijk geregisseerde) relatiesores van onbekenden. Bijkomend voordeel was dat ik niet bang hoefde te zijn dat het thema babyverlies of zwangerschap ineens voorbij zou komen. Rond 16.00 uur begon ik ‘iets’ te voelen en om 18.00 uur had ik eindelijk ontsluiting.

Het ziekenhuis adviseerde een ruggenprik, ze wilden er alles aan doen om het mij zo comfortabel mogelijk te maken. Ook mijn vriend wilde mij onnodig leed besparen. Ik was nogal terughoudend omdat ik graag natuurlijk wilde bevallen. Tijdens de bevalling van mijn dochter kon ik ook echt niet liggen, dan werd ik gek van de pijn en ik heb alles staand gedaan hetgeen niet kan met een ruggenprik. Bovendien was ik angstig was voor eventuele risico’s. De verpleegster vertelde mij dat ze in tien jaar tijd nog nooit een ernstige complicatie had gezien als gevolg van de ruggenprik. Maar goed, hoe groot is de kans om met 40 weken een stilgeborenkindje te krijgen zonder enige zwangerschapscomplicatie of voorteken? Op statistieken durfde ik niet meer te vertrouwen. Uiteindelijk ben ik toch overstag gegaan. Ik hoopte zo ook wat energie te sparen.

Rond 19.30 uur werd de ruggenprik gezet door de anesthesist en assistenten. Ook hier was het personeel op de hoogte. De prik was gek genoeg een van de fijnste momenten van de dag. Niet omdat het de pijn verlichtte, de weeën waren op dat moment nog prima op te vangen, maar omdat er zo’n zorgeloze sfeer hing. Er werden veel grappen gemaakt, mijn vriend kreeg een blauw OKpak aan en wegwerpmuts op en dit werd vastgelegd op de foto. Na het zetten van de prik aten we een raketijsje met een aantal verpleegkundigen. Op de foto stralen we van blijdschap alsof er niets aan de hand was. Zo voelde ik mij ook even. Zorgeloos.

Uiteindelijk is het razendsnel gegaan. Om 23.30 uur had ik vier centimeter ontsluiting en om 01.05 uur ben ik bevallen. De weeën voelde ik op een gegeven moment door de ruggenprik heen en ze volgden elkaar in sneltempo op. Een weeënstorm dus. Thank god – of liever gezegd de anesthesist – voor de verdoving. Ook het persen ging snel en goed.

“Hij heeft donkere haartjes”, antwoordde de arts op mijn vraag of ze zijn hoofd al goed kon zien. Kort erna werd onze prachtige zoon geboren. Hij zag er zo mooi uit. Toen ik onze zoon in mijn armen kreeg, brak mijn hart. Hij was perfect. Zó lief en volmaakt. Alles klopte, behalve zijn hartje.

liefs Laura

Contact

Stichting Nooit Voorbij

Deel deze blog

Het noodlot slaat toe (deel 3)

Scroll naar boven