Op weg naar een nieuwe ik

Volgens mij heb ik nog helemaal niet geaccepteerd dat mijn dochtertje is overleden. Ik kan er gewoon niet tegen dat ik niets meer van mijn vrienden hoor, dat mijn ouders er nooit over praten en dat ik zelf mijn werk ook niet meer leuk vind. Dat zou toch nu wel over moeten zijn?

Ik spreek Louis zeven maanden na het overlijden van zijn dochter. Hij is tot een besef gekomen de afgelopen week, zo vertelt hij mij. Dat besef is dus dit: hij heeft niet geaccepteerd dat zijn dochter overleden is.

Wat versta jij onder accepteren van haar dood

Ik vraag hem als eerste wat hij verstaat onder accepteren. Dat is, zo zegt hij, dat zijn leven weer net is als vroeger, dat hij weer normaal contact kan hebben met mensen, dat hij weer plezier kan hebben, dat hij zijn werk weer leuk vindt, want zo was het vroeger ook.

Word ik ooit weer de oude ik van voor het overlijden

Terwijl hij deze omschrijving van accepteren geeft, zie ik iets gebeuren in zijn gezicht. Ik vraag hem wat er gebeurt? Het lijkt alsof hij zich opeens iets realiseert. Hij begint te lachen en vertelt me dat hij heus wel snapt dat het nooit meer kan zijn zoals vroeger, omdat de glans eraf is en omdat hij dit grote verlies nooit zal vergeten en altijd mee zal dragen.

De omgeving heeft een mening

Louis heeft het gevoel dat de omgeving oordelend is. “Hey joh, doe eens gezellig, kom op, we gaan lekker een biertje drinken”. Of “Nou Louis, je bent wel zwaar op de hand geworden hè? Zo ken ik je helemaal niet”.

Dit hoor ik ook regelmatig van cliënten dat de omgeving hen zo afstandelijk vindt (geworden).

Ik word er zo onzeker van

Louis kan op dat soort momenten zo onzeker worden! Waar gaat dit heen? Raak ik iedereen kwijt? Blijf ik voor altijd deze heel-snel-moe, chagrijnige, geen-plezier-kunnen-makende persoon? “Als het zo gaat zijn dan hoeft het voor mij niet meer”. Louis spreekt de tekst die ik vaak hoor. De wanhoop is voelbaar en hoorbaar. Waar is mijn oude leuke zelf?

Waarom heeft de omgeving een mening?

Dat de omgeving je vergelijkt met hoe je vroeger was, komt misschien uit de diepe wens dat jij je weer fijn gaat voelen. Dat jij weer wordt wie je was, want toen was alles goed en was jij gelukkig (ga ik van uit). Het is als een soort ‘thermometer’. Als jij dit of dat doet, dan gaat het ‘dus’ nog niet goed met je. Of andersom: als jij dit of dat doet, okay, dan lijkt het erop dat je er aardig overheen (ook zo’n naar woord) aan het komen bent.

Je kunt altijd tegen je omgeving zeggen, als er weer een ‘oordeel’ wordt uitgesproken: “Hoe denk jij dat deze opmerking mij gaat helpen?”.

Wat of wie word je dan wel?

Maar als je niet meer je oude zelf wordt? Wat word je dan ‘nog’ wel? Het is een grote vraag die regelmatig in de therapiekamer voorbij komt. Rouwen is transformeren. Je verhouden tot het nieuwe leven. Want het is een nieuw leven (mensen praten ook vaak over ‘vroeger’ als de tijd voor het overlijden). Je gaat onderzoeken wie jij nu nog bent, want nu nog bij jou past, je oude jas gaat uit en je bent een nieuwe aan het passen. Dat betekent ook vaak dat mensen het werk niet meer vinden passen bij wie ze nu zo zijn, of dat vrienden niet meer prettig voelen. Je zou bijna kunnen zeggen dat rouwen is als een jas uitdoen, nieuwe jassen proberen en uiteindelijk de nieuwe jas passend vinden. Het is misschien een rare metafoor, maar hij komt zo bij me op.

Het diepe dal van de identiteitscrisis

In eerste instantie probeerde Louis die oude jas aan te houden (om maar bij de metafoor te blijven). Er zaten wat scheuren in, die probeerde hij met garen vast te naaien. Maar het blijkt toch dat de jas blijft lekken en niet meer beschermt tegen de regen en de kou. De jas moet uit. Dat is naar en koud. Het voelt als het diepe dal waar je dan in raakt. Qua gevoel van wie je bent, een absoluut dieptepunt. De realisatie dat (bijna) niets meer is zoals het was, dat jij je helemaal opnieuw moet gaan verhouden. Met het passen van nieuwe jassen, begint de weg omhoog, je gooit weer eens een jas weg om een nieuwe uit te proberen. Uiteindelijk zit hij goed. Dan ben je, qua gevoel van wie jij nu nog bent, tevreden met hoe je nu bent. Dan maak je je niet meer druk om vrienden die niet snappen dat je na een uur ‘brallen’ in de kroeg wel klaar bent, dan is dat wie jij bent.

Houvast over wie je bent

Uiteindelijk komt het punt dat je er niet meer over nadenkt, dat je weet wat en/of wie bij jou past dat het ook okay is. Het hoeft niet meer te zijn zoals voor het overlijden. Dat kan ook niet meer. Maar de zoektocht naar die periode (van voor het overlijden) is dan wel voorbij. Dat geeft rust. Net zoals je je voorheen ook niets aantrok (hoop ik) van opmerkingen als “joh, blijf nog even, gezellig” of “wat ben je stil”, trek je je er dan ook niks meer van aan, want je bent okay met jezelf.

Misschien dat Louis dan het gevoel kan hebben dat hij de dood van zijn dochtertje heeft ‘geaccepteerd’.


Misschien wil je hier iets over kwijt of kan ik op dit moment iets anders voor je doen. Weet me dan te vinden via www.hetnieuwerouwen.nl.

Contact

Stichting Nooit Voorbij

Deel deze blog

Op weg naar een nieuwe ik

Scroll naar boven